De bibliotheek als doorgeefluik van terroristische informatie

In een artikel in de Volkskrant over de aanslagpleger van het drama in Manchester ging het om de vraag hoe deze 22 jarige man radicaliseerde van stille migrantenzoon tot fanatiek IS-aanhanger. Mijn oog bleef hangen bij de volgende zinnen. “Met vrienden zocht Salman naar informatie over terrorisme, onder meer op computers van de stadsbibliotheek. Een geschrokken medewerkster kreeg daar van haar meerderen te horen dat ze de jongeren hun gang moest laten gaan.” Stel je voor dat dit bij ons in de bibliotheek zou gebeuren; met die vraag kwam ik die ochtend op mijn werk. Ik sprak erover met een van mijn collega’s die in de frontoffice werkt. Natuurlijk hebben wij, net als andere bibliotheken regelmatig te maken met mensen die de computers gebruiken voor zaken die niet zijn toegestaan, zoals porno of gokspelletjes. Weliswaar zijn die sites geblokt, maar slimme internetgebruikers weten dat soms te omzeilen. Hoewel we formeel niet mee mogen kijken met de beeldschermen van de gebruikers houden de collega’s natuurlijk wel een oogje in het zeil. Uiteraard moet iedereen zich veilig en prettig voelen in de bibliotheek en moeten zeker jonge kinderen niet blootgesteld worden aan allerlei beelden die in ieder geval niet in een openbare omgeving thuishoren. “Hoe zou je dat dan willen doen, vroeg mijn collega op zijn beurt”. We zijn een openbare instelling en iedereen moet hier internet kunnen raadplegen. Voor je het weet ben je etnisch aan het profileren.

Ik weet ook niet het juiste antwoord hierop en heb natuurlijk helemaal niet de illusie dat als alle bibliotheken in de hele wereld maar extra alert zijn we de veiligheidsrisico’s rondom terroristische aanslagen kunnen verminderen. Maar nietsdoen is ook geen optie. We moeten als bibliotheek duidelijk zijn in wat wel en niet geoorloofd is aan gedrag en bezoekers daarop aanspreken. Beter een keer te veel aanspreken en het misverstand dat daaruit voortkomt oplossen, dan dat we wegkijken onder het mom van vrijheid van meningsuiting. Inmiddels is het Verenigd Koninkrijk alweer getroffen door een aanslag, dit keer in Londen. In het Financieel Dagblad van 6 juni lees ik een artikel waarin de Britse premier uithaalt naar internetbedrijven en maatregelen aankondigt om internet te reguleren. Terrorismedeskundige Jelle van Buuren legt in een reactie het accent op het dilemma van de vrijheid van meningsuiting en benadrukt dat een schoon internet een illusie is. Op ieder niveau wordt geworsteld met vraagstukken van veiligheid, vrijheid van meningsuiting en oneigenlijk gebruik van informatie. Ik kan in mijn eigen bibliotheek in ieder geval stimuleren dat we het er met elkaar over hebben en elkaar helpen bij het zoeken naar manieren om ermee om te gaan.    

Alice van Diepen
directeur

Reageer op deze blog